Stuur me dat even op Signal. Op wat?

Wat een simpel chat-appje ons leert over wie er eigenlijk de regie heeft

Misschien herken je het. Iemand zegt: “Stuur me dat even op Signal.” En jij denkt: op wat?
Of andersom. Jij stuurt iemand iets op WhatsApp en het komt nooit aan. Pas later hoor je: “Oh, ik zit niet meer op WhatsApp. Ik zit op Telegram nu”. Of op iMessage, of Messenger. En dan moet jij een nieuwe app installeren. Een account aanmaken. Inloggen. Uitvogelen waar je vrienden zitten en wie waar niet meer zit. En soms zit je daarna nog steeds zonder die ene tante die nog gewoon belt.

Dit artikel gaat over die irritatie. Over waar die vandaan komt. En over een vraag die je je misschien niet eerder gesteld hebt: waarom is dit eigenlijk zo georganiseerd? Want het had ook anders gekund. Dat weten we, want bij sms en e-mail is het wél anders.

Hoe het was met sms

Pak even het beeld van vroeger erbij. Je had een Nokia. Je vriend had een Samsung. Je stuurde een sms’je en het kwam aan. Je hoefde niet eerst te vragen welk merk telefoon de ander had. Of bij welke provider hij zat. Of hij KPN had en jij Vodafone, dat maakte niet uit. Het werkte gewoon.
En naar het buitenland werkte het ook. Een sms naar je dochter op vakantie in Spanje kwam aan. Naar je broer in Amerika kwam ook aan. Misschien duurde het soms even, maar het ging.

En hoe het was met e-mail

Bij e-mail is het tot op de dag van vandaag hetzelfde. Jij hebt misschien een Gmail-adres. Je zus heeft Outlook. Je werk heeft een eigen mailadres van het bedrijf. Je oom zit nog bij Ziggo. Je stuurt iedereen gewoon een mailtje en het komt aan. Niemand denkt erover na.
Allebei deze dingen zijn geen toeval. Zo zijn ze ontworpen.

Een klein blokje uitleg: hoe kan dat eigenlijk?

Sms is gemaakt in het begin van de jaren negentig, als onderdeel van het mobiele netwerk zelf. Een aantal Europese landen heeft toen samen afgesproken: zó gaan we het doen. Welke telefoon je ook hebt, welke provider je ook hebt, in welk land je ook bent, een sms moet altijd kunnen aankomen. Die afspraak heet een standaard.

E-mail is op een vergelijkbare manier ontstaan. Ook een open afspraak, van niemand in het bijzonder. Apple bezit e-mail niet. Microsoft ook niet. Google ook niet. E-mail is van iedereen, omdat het op een afspraak is gebouwd die iedereen mag gebruiken.
Bij sms gaat het net zo. Geen bedrijf bezit de standaard van sms. Het hoort bij het netwerk. Het is publiek. Net zoals het Nederlandse wegennet niet van één bedrijf is.

Daarom werkt het overal. Dat is geen technisch wonder. Dat is een keuze die ooit gemaakt is.
En dat is precies wat bij de huidige chat-apps niet gebeurd is.

Tussen toen en nu: weet je nog, pingen?

Misschien herinner je je dit nog: pingen.

Dat woord was rond 2010 niet weg te denken. Iedereen met een BlackBerry pingde elkaar. Je gaf elkaar geen telefoonnummer, je gaf elkaar je pin. Ministers pingden elkaar. Bestuurders pingden elkaar. Hele bedrijven pingden elkaar. Het was zakelijk de standaard.
Maar pingen werkte alleen tussen BlackBerry-toestellen. Het was van één bedrijf. En toen BlackBerry minder werd verkocht, viel het pingen ook weg. Wie alleen daarop zat, kon op een gegeven moment niemand meer bereiken. De dienst is in 2019 helemaal opgeheven. Foetsie.

Dat is wat er kan gebeuren bij een berichtendienst die van één bedrijf is. Hij kan verdwijnen. Of veranderen. Of duurder worden. Of opeens iets met je gegevens doen wat je niet wilt. En jij hebt geen stem in die beslissing.

Pingen is dus een voorbeeld uit het verleden. Maar het patroon is hetzelfde gebleven.

Hoe het nu gaat

WhatsApp is van een bedrijf. Dat bedrijf heet Meta. Hetzelfde bedrijf dat ook onder andere Facebook en Instagram heeft; Amerikaans.

Signal is van een stichting. Ook Amerikaans, gevestigd in Californië. Telegram is van een ander bedrijf, met een hoofdkantoor in Dubai en oprichters uit Rusland. iMessage is van Apple; Amerikaans. Messenger is óók van Meta.
Dat is een patroon dat opvalt als je er eenmaal op let. De grote chat-apps waar wij in Europa dagelijks mee werken, zijn vrijwel allemaal Amerikaans. Of in elk geval niet Europees.
Elk van die apps heeft bovendien zijn eigen netwerk. Een netwerk dat alleen werkt binnen die app. WhatsApp praat alleen met WhatsApp. Signal alleen met Signal. iMessage alleen met iMessage, en eigenlijk vooral alleen met andere iPhones.

Dat is geen technische beperking. Het had best gekund dat al die apps met elkaar konden praten, net zoals sms dat kan. Maar de bedrijven die deze apps maken, hebben ervoor gekozen om het zo niet te doen. Zij willen jou binnen hun eigen app houden. Want zolang jij daar zit, zien zij wat je doet. En jouw vrienden zijn een reden om te blijven.

Dat is geen complot. Dat is hoe het bedrijf werkt. Maar het is wel een ontwerpkeuze.

Wat dat met jou doet

Het gevolg is dat jij gedoe krijgt waar je vroeger geen gedoe had. Je hebt drie of vier apps op je telefoon staan voor hetzelfde soort gesprekken. Eentje voor de familie. Eentje voor het werk. Eentje voor die vriendengroep. Eentje voor je sportclub. En je weet niet meer precies wie waar nog actief is.
Je moet onthouden wie waar zit. En als iemand overstapt, moet jij vaak meeverhuizen. Of niet, en dan val je uit de groep. Letterlijk. Want zonder die app weet je niet meer waar de afspraken worden gemaakt.

En als je iets ouder bent, of als je gewoon niet alles wilt bijhouden, dan kan dat best vervelend zijn. Dan voelt het alsof het allemaal aan jou ligt. Maar dat ligt het niet. Het ligt aan hoe het ontworpen is.

Wie heeft hier dan de regie?

Hier komt een woord dat in deze hele wereld steeds belangrijker wordt: regie. Wie bepaalt eigenlijk dat jij vier apps op je telefoon hebt staan voor hetzelfde? Niet jij. Jij gebruikt gewoon wat de mensen om je heen gebruiken. Dat is logisch.
Maar daarmee bepaalt iemand anders wel jouw digitale dagelijks leven. Bedrijven die ergens in Amerika zitten, of ergens anders. Die bedrijven beslissen hoe het werkt, wat het kost, wat er met jouw berichten gebeurt, en of jouw familie elkaar nog kan bereiken als er morgen iets verandert.
Dat is wat we digitale regie noemen. Het gaat niet over politiek. Het gaat over de simpele vraag: wie heeft de touwtjes in handen bij iets dat jij dagelijks gebruikt?

Bij sms en e-mail zijn dat afspraken die met elkaar gemaakt zijn. Open en publiek. Daar hebben we een soort gezamenlijke regie.
Bij chat-apps zijn dat keuzes van losse bedrijven. Gesloten en privé. Daar heb jij geen regie. En je organisatie ook niet. En je land ook niet echt. En ook Europa niet.
Dat hoeft niet meteen een probleem te zijn. Maar het is wel goed om te weten dat het zo zit.

En toch beweegt er iets

Hier is iets dat de meeste mensen nog niet weten. Europa heeft een nieuwe regel ingevoerd die zegt: de grote chat-apps móeten met elkaar gaan praten. Niet als gunst, niet als optie, maar gewoon. Want het is niet uit te leggen dat een berichtje van WhatsApp naar Signal niet aankomt terwijl dat technisch prima kan.
Sinds eind 2025 is het in Europa langzaam begonnen. Een paar kleine Europese chat-apps kunnen nu rechtstreeks met WhatsApp praten. Het werkt nog mager. Je moet het zelf aanzetten. De meeste mensen weten niet dat het bestaat. En het is nog lang niet zo soepel als sms.
Maar het begin is er. En dat is precies wat er ooit ook gebeurde met sms. Eerst werkte sms niet tussen verschillende landen. Het duurde jaren voordat het overal kon. En nu staan we niet meer stil bij het feit dat een berichtje van Nederland naar Amerika gewoon aankomt.

Dat zou met chat-apps over een aantal jaar ook zo kunnen zijn.

Terug naar het begin

Aan het begin van dit artikel stond een zin. “Stuur me dat even op Signal.” Of in een andere variant: “Welke app gebruiken jullie eigenlijk om elkaar te bereiken?”

Na dit artikel kun je die vraag misschien iets anders horen. Het is niet alleen een praktische vraag over een app. Het is ook een vraag over wie er bepaalt hoe jullie met elkaar in contact blijven. En of dat één bedrijf moet zijn, of dat het ook anders kan.

Een kleine peiling

Wat zou er gebeuren als je deze vraag in een van je groepsapps zet?

“Even een vraagje. Wie van jullie heeft ook Signal? En wie zou het eigenlijk wel goed vinden als we met deze groep overstappen naar een andere app dan WhatsApp?”

Wat er meestal gebeurt als je die vraag stelt, is dit. Sommigen reageren met “waarom dan?”. Anderen blijken al lang ergens anders te zitten en hebben dat nooit gezegd. En weer anderen zeggen “goed punt, ik wist niet eens dat het kon.”

En zo wordt iets dat altijd vanzelfsprekend leek, ineens een gesprek. Een gesprek over hoe jullie het samen willen doen. Niet hoe een bedrijf het voor jullie geregeld heeft.

Dat is, in het klein, precies wat digitale regie betekent.

Tot slot

Sms werkte omdat mensen ooit hebben afgesproken dat het moest werken. Voor iedereen. Op elk merk telefoon. Bij elke provider. Dat was geen technisch toeval. Dat was een keuze.

Bij chat-apps is die keuze niet gemaakt. En dus zitten we met de gevolgen. Veel apps. Veel gedoe. Veel afhankelijkheid van bedrijven waar we verder weinig over weten.

Pingen liet zien wat er kan gebeuren als zo’n bedrijf wegvalt. Wie weet wat er over tien jaar met WhatsApp gebeurt.

Maar het hoeft niet zo te blijven. In Europa beweegt er iets. Voorzichtig, traag, maar het beweegt. En verder begint het ook gewoon klein. Met een vraag in een groepsapp. Met een momentje van “hé, waarom is dit eigenlijk zo?” En met het besef dat het ooit anders is geweest, en dus ook weer anders zou kunnen.

Jeroen van Buuren

Spreker en trainer ORenAI.nl